N00bs in de zaal kwamen van alles te weten over de relatie van games tot film, welke rol technologische ontwikkeling speelt en hoe het zwaartepunt nu naar storytelling verschuift. Je zou kunnen spreken van een proces van samensmelting tussen films en games: er ontstaat steeds meer overlap.
Film en games
Jan-Bart van Beek illustreerde eerst hoe er in de filmindustrie tegen computers aangekeken wordt. Fragmenten uit The Net, Swordfish, Hackers en zelfs Transformers - toch echt een film uit 2007 - geven er een futuristische sfi-fi draai aan.
Ook games komen er niet echt realistisch vanaf: in een aflevering van de serie House uit 2009 brengt een archaïsche VR helm de speler in de gamewereld. Er is dus een wrijvingspunt; filmmakers snappen het nog niet goed.
De gamesindustrie zelf pleegde vanaf het begin veel plagiaat op films, met look-a-likes van bijvoorbeeld Terminator. Bovendien waren games als Duke Nukem 3D (1996) volgens Jan-Bart nogal smakeloos. Deze dingen bepaalden de naam van de gamesindustrie behoorlijk.
Met Tomb Raider was het voor het eerst omgekeerd: de gameserie werd vertaald naar een film in 2001.