Is de Long Range-variant de meerprijs waard? Het is de vraag die bij iedereen die een nieuwe
elektrische auto wil aanschaffen opduikt en die vrijwel iedereen verkeerd beantwoordt. Niet omdat we daarvoor te dom zijn, maar omdat de vraag zelf een valstrik is. Het eerlijke antwoord is namelijk: dat hangt er volledig van af wie je bent, hoe je rijdt en wat je bereid bent toe te geven. En de meeste mensen weten dat van zichzelf niet goed genoeg om er zeker van te zijn.
De fabrikant zegt ongetwijfeld ja, en je spreadsheet zegt misschien. De meeste kopers zullen ook ja zeggen, maar waarschijnlijk om de verkeerde reden. Want de Long Range-discussie gaat zelden echt over kilometers. Het gaat over angst, en angst is een slechte rekenmachine.
Wat de WLTP je niet vertelt
Begin bij de cijfers, want die liegen niet, ze misleiden alleen. Een Long Range-accu van 98 kWh tegenover een standaard van 73 kWh klinkt als een stevige upgrade. Op papier scheelt dat honderdvijftig kilometer bereik, soms meer. Maar die berekening is gemaakt in een laboratorium, bij een aangename buitentemperatuur, op een wegdek zonder wind, met een rijstijl die geen enkele Nederlander herkent. Rij je 130 op de snelweg in januari, trek dan gerust dertig procent van die WLTP-opgave af. Het absolute verschil tussen de twee accu's krimpt dan fors. Die extra honderdvijftig kilometer worden er in de praktijk misschien tachtig. Nog steeds zinvol, maar daarna heb je wel een ander gesprek.
Het gewicht dat je altijd meesleept
Hier wordt het ongemakkelijk voor de Long Range-enthousiasten. Die grotere batterij weegt meer, en niet een beetje meer, maar honderdvijftig tot tweehonderd kilo extra. Die kilo's rijden mee op elke rit naar de supermarkt, elke schoolrit, elke doordeweekse werkdag. Ze kosten verbruik, slijten banden en belasten de ophanging. Je betaalt dus niet alleen eenmalig meer voor die capaciteit, je betaalt er elke kilometer een klein beetje voor, ook op de dagen dat je hem bij lange na niet nodig hebt. Dat is de stille rekening die niemand je stuurt.
De laadcurve waar niemand het over heeft
En dan is er nog iets wat de meeste autofabrikanten liever niet te luid communiceren. Een grotere accu laadt bij dezelfde laadsnelheid in kilowatt langer. Van tien naar tachtig procent duurt bij 98 kWh simpelweg meer minuten dan bij 73 kWh, tenzij de auto ook een hogere maximale laadsnelheid heeft. Dat klinkt logisch maar het is precies het tegenovergestelde van wat de meeste kopers verwachten. Het eerste wat je denkt is een grotere tank, dat is sneller weg. Dus niet, want de realiteit is grotere tank, 100% langer staan. Autofabrikanten compenseren dit soms met hogere pieklaadsnelheden, maar dat is dan een ander argument voor de meerprijs en er eentje dat zelden expliciet wordt gemaakt.
Wat de grote accu wél doet
Tot zover de tegenargumenten, want er zijn ook echt wel voordelen. Met een grote accu hoef je niet het eerste het beste laadstation te nemen dat een routeplanner je vertelt te doen. Je kunt een druk, duur of onaangenaam station makkelijker overslaan en 20 kilometer verder je eigen keuze maken. Wie regelmatig lange afstanden rijdt weet dat dit op een drukke vrijdagmiddag of andere piekmomenten goud waard is.
Daar komt nog iets bij wat zelden wordt genoemd: degradatie. Elke lithium-ion accu verliest over de jaren capaciteit. Verlies je tien procent na tweehonderdduizend kilometer, dan is dat bij een kleine accu eerder voelbaar dan bij een grote. De Long Range heeft een buffer die ook na jaren nog comfortabel aanvoelt, en dat vertaalt zich direct in restwaarde als je hem na vijf of acht jaar verkoopt.
Dan is ook nog het type veelrijder, die thuis of op kantoor waarschijnlijk goedkoop kan laden. Met
zonnepanelen en een
dynamisch contract geldt nog een ander praktisch voordeel. Met een grote accu neem je meer goedkope stroom mee van huis en vermijd je vaker de dure snellader onderweg. Op jaarbasis kan dat honderden euro's schelen.
De rekening
De meerprijs ligt gemiddeld tussen de vierduizend en zesduizend euro, afhankelijk van merk en model. Dat is geld dat je direct afschrijft als je koopt, of maandlasten en fiscale bijtelling die omhooggaan als je least. De vraag is dus niet of je die euro's kunt missen, maar wat je ervoor terugkrijgt.
Ben je het type die dagelijks niet maar dan vijftig kilometer rijdt en twee keer per jaar op vakantie gaat, dan krijgt je er vrijwel niets voor terug. De kleine accu is ruimschoots voldoende, de vakantie is planbaar en die ene extra laadstop kost je dan een halfuur op een toch al lange rit.
Ben je een veelrijder, zoals hierboven staat, die dagelijks twee- tot driehonderd kilometer rijdt en laden ziet als verloren werktijd, dan krijgt er wél iets voor terug, elke stop die je niet hoeft te maken is directe tijdswinst.
Persoonlijker als je wat vaker avontuurlijk en spontaan op pad gaat (en graag
roadtrips maakt) dan koop je met de grote accu geen kilometers maar vrijheid. Het is de vrijheid om zonder al te veel planning (
Tip: gebruik ABRP) en zonder rekenmachine een lange roadtrip of naar en slecht ontsloten bestemming met weinig publieke laadstations te gaan. Dan is Long Range een reëel product, zolang je maar weet dat je dát koopt en niet iets anders.
Waarom de vraag zo moeilijk te beantwoorden is
Hier zit de echte paradox. De vraag lijkt simpel maar is het niet, omdat je jezelf eerlijk moet kennen. Wie denkt dat hij avontuurlijk rijdt, maar eigenlijk altijd dezelfde routes neemt, koopt een verzekering voor een risico dat hij nooit loopt. Wie denkt dat hij prima plant maar in de praktijk altijd last-minute beslist, onderschat wat die grote accu hem aan rust geeft.
De grote accu is een verzekering. En een verzekering beoordeel je niet op de dagen dat er niets gebeurt, maar op wat het je waard is om er nooit over na te hoeven denken. Wie dat antwoord eerlijk kent, weet ook welke accu hij moet kiezen. De rest rijdt honderden kilo's angst mee en betaalt er elke kilometer een klein beetje voor.