Waarom we in Nederland zo dol zijn op onze e-bikes

Waarom we in Nederland zo dol zijn op onze e-bikes

Vorig artikel Volgend artikel

Vandaag werd bekend dat Nederlanders van alle landen uit de Europese Unie gemiddeld de meeste e-bikes kopen. In 2021 was de helft van de verkochte fietsen een e-bike, zegt Bike Europe. Natuurlijk hebben we geweldige infrastructuur voor fietsen, dus ook voor e-biken, maar er zijn meer redenen waarom wij denken dat wij Nederlanders zo dol zijn op de e-bike.

Zo ver hoeven we niet

We hebben een klein land waarin op veel plekken alle basiswinkels wel te vinden zijn. Je hoeft eigenlijk echt niet met een auto naar de supermarkt, want de kans dat er eentje op 10 minuten fietsen zit is heel groot. Als je nooit zo heel ver hoeft, dan kun je net zo makkelijk de fiets pakken. Of, om het toch even wat makkelijker te maken om met een zak kattenbakkorrels of een vier-pak cola te trappen, de e-bike. Nederland is zo mini: e-bikes zijn voor ons multi-inzetbaar. Plus: het scheelt weer parkeerstress en -geld.

Er is altijd tegenwind

Heerlijk dat we een heel lang gedeelte van ons land aan zee hebben, maar dat heeft ook zijn nadelen. Altijd maar die wind. Ga je naar je werk: wind tegen, kom je terug: weer wind tegen. Het maakt niet uit welke kant je op fietst: de wind lijkt altijd in je nadeel te werken. Komt er ook nog regen en hagel bij, dan is het helemaal niet meer leuk. Nu is regen en hagel net zo vervelend op een e-bike, maar het tegen wind in fietsen kost je in ieder geval niet al je kracht, waardoor je nog voldoende kracht over hebt om de weergoden uit te schelden.

We willen sneller dan de buurvrouw

Het gras is altijd groener bij de buren: een gezegde dat helemaal past bij de Nederlandse cultuur. Zien we dat iemand ons inhaalt, dan kunnen we dat eigenlijk niet zo goed hebben. Wij willen sneller zijn! Toen e-bikes net opkwamen en ouderen van 70 ineens jonge benen van 20 begonnen in te halen, werden steeds meer jonge mensen geïnteresseerd in de e-bike. Niet meer die frustratie van ingehaald worden door een andere fietsen. Behalve die speed pedelecs natuurlijk: maar die zijn met hun kentekenplaatjes sowieso valsspelers, toch?

Brandstof is te duur

Hoewel de prijs van elektriciteit de pan uitschiet, is er altijd iets duurders: brandstof. We laten met die hoge prijzen bij de pomp de auto liever staan. En kijkend naar reden 1 is dat in meer opzichten een heel goed idee. Even de e-bike pakken is vaak zelfs net zo snel of sneller dan met de auto gaan. Bovendien haal je ook meteen een frisse neus, hoef je niet te zoeken naar een parkeerplaats en een parkeermeter en kun je vaak zelfs veel dichterbij de deur parkeren, waardoor je nog sneller in en uit de winkel bent.

We houden van verzekeringen

Er kleven natuurlijk ook nadelen aan e-bikes: ze zijn nogal diefstalgevoelig. Zelfs met zo’n tracker van de ANWB weten dieven ze alsnog buit te maken in een oogwenk. Heel pijnlijk, maar gelukkig houden we in Nederland van verzekeren en is er natuurlijk ook een e-bikeverzekering. Eentje waarbij je zelfs als je pech hebt met je e-bike snel wordt geholpen, maar ook die schade uitkeren wanneer een dief er met je elektrische fiets vandoor gaat. Het is heel veel gedoe om dat allemaal goed te regelen en uitbetaald te krijgen, maar dat geeft ons niets: we zijn één van de meest oververzekerde landen ter wereld, dus deze kan er prima bij.

Er zijn hier geen bergen

Er is waarschijnlijk een reden waarom wij als Nederlanders nog doller zijn op e-bikes dan onze Europese collega-lidstaten: we hebben geen bergen. E-bikes en bergen gaan niet zo goed samen. De motortjes kunnen dat moeilijk of zelfs helemaal niet aan, waardoor je beter kunt kiezen voor een e-bike als je in een plat land woont als Nederland. Je hoeft bijna nergens bezorgd te zijn of je e-bike de klim wel haalt, al zijn er rondom Vaals wel een paar flinke heuvels die een uitdaging kunnen zijn voor je stalen ros.

Nederland e-bikeland

Blijft Nederland voor altijd koploper? Waarschijnlijk niet. In andere EU-landen komen steeds vaker subsidies waardoor het toch aantrekkelijker wordt om voor een elektrische fiets te kiezen. Nieuwsgierig naar de nummers twee en drie? In Oostenrijk was vorig jaar 45 procent van alle verkochte fietsen een elektrisch exemplaar, terwijl dat in Duitsland 42,5 procent was.

De meest achterlopende landen zijn Italië en Spanje, waar maar ongeveer 14 procent van de verkochte fietsen in 2021 elektrisch was. Sowieso ligt het aantal verkochte fietsen in die landen veel lager: het zijn nu eenmaal geen landen waar veel wordt gefietst. Dat kunnen wij ons niet voorstellen, terwijl we met gevulde fietstassen en onze mobiele telefoon als navigatiesysteem tevreden en wel op onze e-bikes rondcrossen.

Laura Jenny

Is ze niet aan het tikken, dan reist ze rond in de wondere wereld van entertainment of op een toffe plek in de echte wereld. Mario is de man van haar leven,...