​Waar je op moet letten als je een elektrische fiets koopt

​Waar je op moet letten als je een elektrische fiets koopt

Vorig artikel Volgend artikel

Ze waren eerst vooral voor mensen boven de zestig, maar inmiddels heeft iedereen wel door dat die ultra-Hollandse tegenwind net even iets minder agressiefmakend is als je een klein beetje traphulp hebt. Overweeg je een elektrische fiets te kopen, dan zijn er veel meer dingen om rekening mee te houden dan bij een gewone fiets. We helpen je op weg.

25 kilometer per uur

Veel mensen vragen zich af wat een ebike nu precies inhoudt. Is het ook een ‘smart bike’, is het alleen maar een motortje wat het een elektrische fiets maakt: hoe zit dat? Met een elektrische fiets bedoelen we fietsen die trapondersteuning hebben middels een electrische accu, waardoor je een klein beetje hulp krijgt en wat minder moeite moet doen om toch een goed tempo aan te houden op de fiets. De meeste e-bikes gaan tot 25 kilometer per uur. Je kunt er gewoon mee fietsen waar je ook op een normale fiets zou rijden, je hoeft geen helm op en een rijbewijs is ook niet nodig.

Als je een ebike wil aanschaffen, besef dan goed dat het verschil tussen de ene of de andere elektrische fiets enorm is. Bij een gewone fiets is bijvoorbeeld stevigheid en het aantal versnellingen belangrijk, maar in principe moet je zelf alles doen dus kan daar weinig misgaan. Bij een elektrische fiets komen allerlei technische snufjes kijken en vooral die accu. Maak je hierin een verkeerde keuze, dan kan je e-bike toch vaker stil komen te staan dan je in gedachten had.

Er zijn natuurlijk veel soorten elektrische fietsen, maar in dit artikel focussen we ons op de stadsfiets. Geen razendsnelle speed pedelecs of een elektrische vouwfiets, maar een gewone fiets met een goede bagagedrager en misschien wel een mand voorop, waarmee je makkelijk boodschappen kunt doen of pakjes kunt wegbrengen. Er zijn twee belangrijke zaken die leidend zijn bij het kopen van een elektrische fiets: de motor en de accu.

De motor van je ebike

Een motor zit op het voorwiel, het achterwiel of in het midden van je stalen ros. De voorwielmotor is vaak stiller en goedkoper dan wanneer deze op een andere plek zit. Het voordeel aan fietsen met een voorwielmotor is dat je er ook zonder ondersteuning mee kunt gaan fietsen. Tegelijkertijd slippen deze motoren eerder door op steentjes, is de trapondersteuning minder krachtig en heeft de motor even nodig om op gang te komen.

Hoewel de fiets met een motor aan de voorkant het goedkoopste is, is dit niet de meest gekochte variant. Dat is de ebike met de middenmotor. Deze motor simuleert als het ware iets beter je benen en omdat het gewicht in het midden zit, voelt het niet alsof je wordt geduwd of getrokken wordt. Deze motor zit echt op het trappen, dus als je meer druk zet, slaat hij meteen aan. Het nadeel van deze motor is wel dat ze wat meer geluid maken en eerder met storingen kampen.

Ze zijn vaak wat duurder, maar fietsen met achterwielmotor voelen wel het meest normaal, omdat je voortgestuwd wordt. Bij een fiets is de kettingkast altijd naar het achterwiel gericht, dus die gaat in beweging. Je bent dus al gewend dat je van achteren kracht krijgt via dat achterwiel. De achterwielmotor versterkt dit. Het maakt de fiets wel wat moeilijker op te tillen of te repareren, dus je bent waarschijnlijk wel vaker bij een fietsenmaker te vinden.

De accu van je elektrische fiets

Er zijn drie accu’s: nikkel-metaalhybride (NiMh), li-ion mangaan (Li-ion) en Lithium-ion-polymeer. Eigenlijk zie je tegenwoordig bijna alleen maar Li-ion-varianten, die wat kleiner zijn en sneller opladen. Waar je naar moet kijken is hoeveel capaciteit de accu heeft. Dit wordt vaak uitgedrukt in hoe groot de actieradius van de fiets is, oftewel: hoeveel kilometer hij kan fietsen op één accu. Zeker als je vaak lange stukken fietst, dan kun je wel een flinke accu gebruiken. Ben je niet zo fanatiek, dan is een goedkopere fiets met een kleinere accu prima.

Wanneer je als gewone fietsbezitter denkt aan een ebike, dan zie je jezelf waarschijnlijk steeds met zo’n accu slepen, die je dan weer uren moet opladen. Zo’n uitneembare accu komt met voor- en nadelen. Het voordeel is dat je hem zelf kunt meenemen om op te laden, en om te zorgen dat je fiets minder snel wordt gestolen. Tegelijkertijd: als je hem niet meeneemt, dan is de kans groot dat de accu wordt gestolen. Sowieso hebben dieven het nogal gemunt op elektrische fietsen.

Een vaste accu, die vaak mooi is weggewerkt in het frame, is dan een betere optie, al zal een dief dan je hele fiets stelen. Het onhandige van die vaste accu is dat je wel stroom moet hebben waar je je fiets neerzet. In de voortuin wordt dat bijvoorbeeld lastig, maar als je een schuur of garage hebt met stroompunt, dan is dat geen probleem. Alleen is onderweg opladen wel iets minder makkelijk voor elkaar te krijgen. Er zijn accu’s van 200 tot 750 Wh, maar de meeste ebikes zitten in het midden met 300 tot 500 Wh.

Een ebike kopen

Tot slot is het verstandig om jezelf even te meten en te wegen voor je op fietsjacht gaat. Elke fiets heeft een maximum totaalgewicht dat hij mag zijn en is het handig om te weten welke hoogte ongeveer prettig is voor jou. Koop je een gewone ebike, dan ben je daar ongeveer 800 tot 2000 euro aan kwijt. Zit je ebike boven dat bedrag, dan komt hij waarschijnlijk met handige extra snufjes, zoals de optie om te tracken waar je fiets is. Als je in de fietsenwinkel staat, of op de bank zit en in een online fietsenwinkel snuffelt, kijk tot slot dan ook goed naar de garantie en of je je fiets wil laten verzekeren. Zoals we eerder schreven: fietsendieven hebben het enorm gemunt op ebikes, dus zeker in bepaalde steden is misschien de goede oude fiets waarop je hard moet werken nog steeds een betere optie.


Beeldbron: FotoRieth

Laura Jenny

Is ze niet aan het tikken, dan zweeft ze ergens in de wondere wereld van entertainment of in een vliegtuig naar een toffe plek in de echte wereld. Mario...

Reageren is uitgeschakeld omdat er geen cookies opgeslagen worden.

Cookies toestaan Meer informatie over cookies