Er zijn weinig
series die ons tegenwoordig nog zo lang op een vervolgseizoen laten wachten als Stranger Things. De serie bestaat al 10 jaar, maar daar komt nu een einde aan met het vijfde seizoen. De eerste vier afleveringen staan nu op
Netflix en wij kregen de eerste aflevering vast te zien. En wat is het toch heerlijk om weer in Hawkins te zijn. Heb je nog niet gekeken? Deze review bevat geen grote spoilers uit de eerste aflevering.
Herenigd in Hawkins
Netflix heeft door de jaren heen veel gigantische seriehits gehad. Iedereen ging er helemaal voor met House of Cards en recent natuurlijk Squid Game, maar er zijn weinig series zo onlosmakelijk met Netflix verbonden als Stranger Things. Zeker voor Nederlanders, want de streamingdienst was vanaf 2013 pas echt beschikbaar en daarna volgde in 2016 het eerste seizoen van Stranger Things: we zijn er dus al vanaf het begin ‘bij’. We hebben in de voorbijgegane seizoenen gezien hoe Will verdween, hoe Eleven er juist bij kwam, maar ook hoe de Russen een nieuwe poort openden, hoe er moest worden gevochten met Demodogs en natuurlijk hoe Vecna al die tijd op de tieners jaagt. Daar is hij nog altijd niet mee gestopt…
Er is veel veranderd in het stadje, zien we in de eerste aflevering van seizoen 5: zoals Robin in haar radioprogramma al zegt zijn er meer legermannen dan inwoners in de stad. Daarmee wordt meteen duidelijk waar het voornamelijk om zal draaien in dit laatste seizoen, namelijk: wat is toch het verhaal achter die Upside Down? Dat is immers waar het leger een quarantaine voor plaatste. Toch gaan we gelukkig niet meteen heel diep die
Upside Down-materie in. De makers kiezen er, in ieder geval in deze eerste aflevering van seizoen 5, niet voor om de Harry Potter-kant op te gaan (waarbij elke film steeds duisterder werd): het houdt vooral vast aan coming-of-age-elementen en ook de humor is duidelijk niet verdwenen.
Dat voelt als een opluchting, helemaal voor wie de eerste 5 minuten van de serie alvast had gekeken: het begint namelijk wel serieus en donker. Gelukkig worden we er daarna via het radiostation waar Robin werkt van op de hoogte gesteld hoe het stadje er nu voorstaat. En dat voelt meteen alweer goed: je wordt weer helemaal naar de jaren ‘80 getransporteerd en voelt je weer even een van die tieners. Tenminste, als je niet te veel op de kinderen zelf let. Gaten Matarazzo, die Dustin speelt, is inmiddels al 23 jaar oud, maar hij speelt een kind dat voor net 15 jaar oud moet doorgaan...
Toch is dat eigenlijk het enige negatieve wat we over dit eerste deel van de comeback kunnen zeggen en is dat geen ramp: we hebben liever de originele acteurs dan AI-varianten. Showrunners Matt en Ross Duffer zijn ondanks de ongelooflijke druk die op hun schouders ligt toch weer in staat gebleken om dat fijne Stranger Things-gevoel te laten terugkeren, waardoor je bijna vergeet dat dit drie jaar heeft geduurd. De hele groep komt weer samen en het voelt bijna alsof je naar de Avengers van Marvel kijkt: Eleven, Jim Hopper, Nancy, Lucas, Steve, Jonathan, Joyce en Barbara zijn er om je welkom te heten. Bovendien bieden ze ook nog eens lange afleveringen van ongeveer een uur, waardoor er hopelijk genoeg tijd wordt genomen om het complete plaatje te laten zien aan de kijkers. En dat er ook genoeg iconische muziek een plekje krijgt in de serie (daar wordt in aflevering 1 al heel duidelijk aan gewerkt).
Uiteindelijk gaat het om een ding, namelijk dat dat heerlijke
Stranger Things-sfeertje er nog steeds is. Dat toch wat we willen? Nou ja, als we dan nog iets mogen kiezen, dan is het wel een waardig einde voor een serie die ons zoveel jaren heeft beziggehouden, maar daar moeten we nog heel eventjes op wachten. Na de eerste 4 afleveringen die nu op Netflix staan, kun je op 26 december de rest van de afleveringen bekijken. Behalve de finale: die verschijnt op 1 januari.