
Online videocommercials hebben een toegevoegde waarde naast de inzet van een televisiecampagne. Dat blijkt uit de eerste resultaten van een onderzoek van Ster, Microsoft Advertising en Mindshare, uitgevoerd door Metrixlab.
Eerste resultaten van de effectiviteitstudie wijzen uit dat online videoreclame voor adverteerders een toegevoegde waarde genereert bovenop de televisiecampagne. Dit effect hangt sterk af van twee factoren: de contactfrequentie (de videocommercial moet vaak genoeg gezien zijn) én de waardering voor de commercial. Een goede uiting is essentieel voor het realiseren van effect.
Eerste resultaten van de effectiviteitstudie wijzen uit dat twee
factoren een belangrijke rol spelen bij het verkrijgen van een effect
van online video: de contactfrequentie (de videocommercial moet vaak
genoeg gezien zijn) én de waardering voor de commercial. Als mensen de
preroll niet leuk vinden en deze niet relevant achten, heeft de preroll
ook geen effect op de merkpositie. Een uiting met een positieve
waardering is essentieel voor het realiseren van effect.
Het onderzoek, dat bijna een jaar in beslag neemt, kijkt nauwgezet naar
gebruik en houding ten opzichte van online video en de effectiviteit
van online videocommercials. Het aantal online videokijkers is
explosief gegroeid; al eerder bleek maar liefst 79% van de Nederlanders
van 13 jaar en ouder wel eens online video te kijken. Opmerkelijk is
het feit dat maar liefst 96% van de online videokijkers aangeeft
liever een gratis online video met een commercial te zien dan te
betalen voor online video zonder commercial.
Het uitgebreide onderzoek wordt in de loop van dit jaar afgerond. De
belangrijkste voorlopige conclusies zijn dat online video in staat is
om bepaalde merkindicatoren te beïnvloeden, tenminste als de uiting
meerdere keren gezien is en positief wordt beoordeeld. Daarnaast lijkt
het additionele effect van de online video naast televisie het grootst
bij de groep ‘lichte televisiekijkers’, de mensen die relatief weinig
televisie kijken. De volledige resultaten worden in het najaar van 2009
verwacht.




















