Assassin's Creed Odyssey: Een prachtig avontuur

Assassin's Creed Odyssey: Een prachtig avontuur

Ubisoft levert weer een compleet pakket af

Vorig artikel Volgend artikel

Ik weet nog goed dat ik de aankondiging van Assassin’s Creed Odyssey op de E3 van dit jaar te vroeg vond. De reeks die ons jaarlijks heeft voorzien van een nieuw avontuur - met soms een nieuwe Assassin - sloeg namelijk een jaartje over omdat iedereen een beetje Assasin’s Creed beu aan het worden was. Het sublieme Assassin’s Creed Origins was het resultaat van die pauze en dat heeft de reeks goed gedaan. Dus ik moet eerlijk bekennen dat ik een beetje angstig was dat Ubisoft weer in herhaling zou gaan vallen en de zogenaamde franchise fatigue weer terug zou komen.

Maar nu ik de game goed aan de tand gevoeld heb kan ik opgelucht mededelen dat dit absoluut niet het geval is. Origins deed de reeks goed en Odyssey doet daar rustig nog een schepje bovenop. Jullie snappen dat deze liefhebber van de reeks heel blij was dat hij er een keer flink naast zat.

Iets meer RPG saus

Ik beschreef vorig jaar Origins als een soort liefdesbaby tussen The Witcher 3 en Assassin’s Creed. In mijn opinie waren de RPG elementen precies hetgeen wat de reeks nodig had om weer relevant te zijn zonder afbreuk te doen aan de goede elementen die we gewend zijn van Assassin’s Creed games. Maar nu ik Odyssey gespeeld hebt lijkt het alsof diens voorganger maar een beetje aan het flirten was met RPG elementen want Ubisoft gooit het hier in een hogere versnelling.

Het lootsysteem, de skills en de sidequests zijn wederom van de partij. Daar is dus niks nieuws aan. Maar je hoort mij ook niet klagen dat deze aanwezig zijn in de game, ik vind het best leuk dat iedere quest mij bijvoorbeeld een set mooie scheenbeschermers cadeau doet. Het echte mooie spul moet je uiteraard iets beter je best voor doen en uiteraard kun je ook het een en ander kopen via microtransacties. Maar dat laatste is niet zo aan mij besteed en ook niet echt nodig aangezien je vrij gemakkelijk aan betere pantsers kunt komen.

Maar ik draaf af. Hetgeen wat ik in deze Assassin’s Creed bijzonder tof vind is het verhaal. De game begint en eindigt met keuzes. Zo koos ik voor de Griekse schone – maar tevens verschrikkelijke bad ass - Kassandra, maar ik had ook prima voor Aleksios kunnen kiezen. Maar vergis je niet, dit is niet zoals broer en zus Frye in Syndicate. Nee, dit is hele andere koek. Want die eerste keuze is al grotendeels bepalend voor de verloop van het verhaal. Ik ga uiteraard niet in details treden - daarmee verpest ik de lol – maar heel de game schotelt je vrij pittige keuzes voor die ook echt impact hebben. Sterker nog, de keuzes die je maakt hebben invloed op welke van de maar liefst negen eindes je te zien krijgt als je de aftiteling haalt. Dat is iets nieuws voor de reeks en daarmee lijkt de transitie naar een zogenaamde action RPG volledig gemaakt te zijn.

Fraaie visuals

Wellicht is het mijn eigen referentiekader, maar ik wordt altijd wel blij van de fraaie visuals van de Assassin’s Creed games. Op dit vlak stelt Odyssey ook niet teleur, de wereld is ten opzichte van Origins bijzonder kleurrijk. Dit is ook iets waar de ontwikkelaars naar streefden, de Grieken geloofden toentertijd – of misschien nog steeds, maar dat laat ik in het midden – dat ze in het land van de goden woonden. Ubisoft wilde dus een sweet spot tussen fantasierijke kleuren en realisme en in mijn optiek is dat prima gelukt. Het rondlopen en klimmen in het oude Griekenland voelt hierdoor authentiek aan maar is niet zo’n uitgestrekte zandbak als Origins en dat komt van iemand die laatstgenoemde helemaal grijs gespeeld heeft zonder zich een moment te vervelen.

Daarnaast kun je niet om de grootte van de game heen. De kaart is best flink en Ubisoft heeft zoals altijd weer gezorgd dat er genoeg te doen is. Ik merkte bijvoorbeeld dat ik van punt A naar B iedere keer weer wat nieuws ontdekte waardoor ik soms wel eens vergat wat ik überhaupt aan het doen was. Begrijp me niet verkeerd, ik vond het heerlijk om het overkoepelende verhaal even te laten wat het was en mezelf te concentreren op de zijmissies. In sommige gevallen kwamen bepaalde karakters zelf terug waardoor er sprake was van een klein subplot, dit uiteraard allemaal optioneel. Want als je bepaalde keuzes maakt in Odyssey kan het zijn dat iemand je niet meer wilt spreken, of je iemand niet meer kunt spreken aangezien diegene hartstikke dood is.

Je hoeft trouwens niet alles te voet of te paard te doen want ook het schip is helemaal terug van weggeweest. Naval combat – beter bekend van Assassin’s Creed Black Flag – is ook van de partij en dat doet de game goed. Het is uiteraard iets minder modern dan een gepimpte Jackdaw, maar met goed getimede salvo’s vuurpijlen maken de Atheners of Spartanen ook geen schijn van kans. Aangezien Griekenland uit veel eilanden bestaat past deze vorm van vervoer ook heel goed in de game, wat ik ook gaaf vond was dat de afstanden relatief klein zijn waardoor je ook geen ellendig lange en saaie stukken varen hebt.

Potje knokken?

Als er iets was wat Origins goed aangepakt had was het wel de combat. Het knokken met Bayek voelde eerst onwennig, maar eenmaal gewend wil je nooit meer naar de houterige combat van de vorige games. In Odyssey lijkt het gevechtsysteem op het eerste gezicht ongewijzigd. Je kunt nog steeds kiezen tussen een lichte of zware aanval en het loont om goed op de bewegingen van de vijand te letten om zo de juiste timing te vinden. Maar Kassandra of Aleksios hebben in tegenstelling tot Bayek geen schild tot hun beschikking. Dus je zult als speler veel meer moeten ontwijken en pareren. Dit maakt ieder gevecht net even een stukje spannender en zorgt er ook voor dat het tempo van de gevechten hoger ligt.

In de basis zorgt dit al voor spannende confrontaties, maar het wordt pas echt leuk als je wat vaardigheden vrijspeelt waardoor jouw personage gave special moves krijgt. Zo is er de minder originele Spartaanse trap – Ja, de "koning Leonidas trap" uit 300 – maar ook een vlammend of juist vergiftigd wapen behoren tot de opties. Er is voldoende vrij te spelen om je eigen speelstijl te ontwikkelen en je kunt de vaardigheden ook opnieuw toewijzen als je deze nodig hebt voor de situatie. Als ik bijvoorbeeld een fort wilde infiltreren koos ik meer vaardigheden uit de Assassin skilltree. Maar voor een grote veldslag koos ik meer uit de Warrior skilltree aangezien daar de vaardigheden zaten waarmee ik aanzienlijk meer schade kon uitdelen.

De veldslagen speel je vrij door een bezet gedeelte van de kaart te bevrijden van de Atheners of Spartanen. Dat bevrijden doe je dan weer door legerkampen en forten te infiltreren. Alleen dit aspect van de game vult al voldoende uurtjes op en het fijne is dat als je kiest om jezelf als huurling aan te sluiten bij de aanvallende partij de rewards weer net wat beter zijn. Het gevecht is dan wel iets pittiger dan te kiezen voor de verdedigende partij, maar het is des te gaver als je een pittig gevecht afsluit met mooie en betere wapens. Bovendien is dit een relatief makkelijke manier om xp te verzamelen, want dat heb je in deze game echt wel nodig.

Pittig broodje gyros

Er is bij het verschijnen van de game een klein beetje commotie ontstaan over de moeilijkheidsgraad van de game en een zekere XP booster die je kunt kopen door middel van een microtransactie. Vooral in het begin lijkt het moeilijk om te voldoen aan de level requirement. Laat ik voorop stellen dat ik niet tot de groep behoor die zo’n dergelijke aankoop heeft moeten doen om te genieten van de game. Ja, het klopt dat er bepaalde momenten zijn dat je even tegen een muur aanloopt omdat de vijanden simpelweg een te hoog level hebben waardoor je uiteraard penalty’s krijgt. Die voel je vooral als zo’n vijand een klap uitdeelt.

Ik denk dat het neerkomt op de keuze die je als speler maakt. Wil je in sneltreinvaart door de game heen vliegen en vooral de hoofdmissies spelen is er geen ontkomen aan om iets te investeren in de XP booster. Je kunt er daarentegen ook voor kiezen om tijd te investeren in de vele zijmissies die de game rijk is, de forten te infiltreren en uiteindelijk de veldslagen te spelen of zelfs bepaalde leden van een cult op te zoeken en te elimineren. Er is simpelweg zoveel kwalitatief goede content in de game dat ik je zou adviseren heel de XP booster linkt te laten liggen en lekker te genieten van al het moois. Want op dat vlak stelt Ubisoft wederom niet teleur.

Rooskleurig

Is deze game dan perfect? Nee, helaas lijkt de open wereld vloek ook deze game te bereiken en zo kom je soms wel eens wat kleine oneffenheden tegen. Bij mij waren het vogels die opeens uit het niets verschenen en verdwenen in de grond, of arme Kassandra die opeens vastzat in een muur. Gelukkig was dit alles binnen de acceptabele marges aangezien ik niet een save opnieuw heb moeten laden, maar ik vond het wel het vermelden waard.

Dan zijn er nog de romance options, aangezien de game zoveel erg goed doet had ik hier nogal hoge verwachtingen van. Echter doen de vele romances in de game helemaal niets voor het verhaal en beperkt het zich meer tot wat dialoog opties. Met geluk kun je na het nachtelijke avontuurtje je partner aanbieden om deel uit te maken van jouw crew, maar daar blijft het wel bij. Een gemiste kans als we het vergelijkingspelletje gaan doen met andere action RPG’s.

Tot slot heb ik nog een kritische noot waarmee ik wil afsluiten. Zo speelt de game zich af voor Origins en dus ook het ontstaan van de Assassin’s Order. Daarmee neemt het plot een behoorlijke afstand van de reeks en doet daar zelfs een stapje bovenop door ook de iconische hidden blade niet in de game aanwezig te laten zijn. Later in de game – zonder teveel in details te treden – lijkt alles wel wat meer de goede richting op te schuiven. Maar ik mis een klein beetje de identiteit van de reeks. Je zou kunnen stellen dat dit allemaal deel uitmaakt van de vernieuwing die de reeks echt hard nodig had, maar toch voelt vooral deze game een beetje als de vreemde eend in de bijt. Vreemd of niet blijft het wel een dijk van een game waar je echt flink wat uren in kunt verliezen en daar is uiteraard helemaal niets mis mee.

Meer content

Perry Rodenrijs

Perry Rodenrijs begon zijn gameverslaving met een NES op een zolderkamer en is er sindsdien nooit van genezen. Zijn andere passie is zijn metal band.

Reageren is uitgeschakeld omdat er geen cookies opgeslagen worden.

Cookies toestaan Meer informatie over cookies