De nieuwe Cyberbeveiligingswet (
Cbw) klinkt misschien als iets voor volgend jaar, maar wie nu nog niets doet, is straks te laat.
In 2026 wordt de wet officieel van kracht - en dat betekent dat duizenden Nederlandse organisaties verplicht worden om hun digitale beveiliging te versterken.
Overheidspartijen als het Nationaal Cyber
Security Centrum (NCSC), de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) en het Digital Trust Center (DTC) slaan alarm: de voorbereiding kost maanden, soms langer.
“Het vraagt bewustwording in de hele organisatie,” zegt Matthijs van Amelsfort, directeur van het NCSC.
“Begin hier op tijd mee.”
Niet zomaar een nieuwe wet
De Cyberbeveiligingswet is de Nederlandse vertaling van de Europese NIS2-richtlijn — een stevige update van de regels voor digitale veiligheid.
De aanleiding is duidelijk: het aantal ransomware-aanvallen op Nederlandse organisaties is het afgelopen jaar verdubbeld.
Van gemeenten tot zorginstellingen en mkb’s: cyberaanvallen leggen steeds vaker systemen plat, stelen gevoelige data en veroorzaken forse schade.
De nieuwe wet moet dat keren door bedrijven te verplichten hun digitale weerbaarheid aantoonbaar te verbeteren. Het gaat niet alleen om techniek, maar ook om beleid, meldplicht en interne organisatie.
Wat is de NIS2-richtlijn eigenlijk?
De NIS2-richtlijn (Network and Information Security Directive 2) is in 2023 door de EU vastgesteld en moet de digitale en economische weerbaarheid van alle lidstaten versterken.
Waar de eerste NIS-richtlijn alleen gold voor vitale sectoren zoals energie en telecom, breidt NIS2 de scope flink uit.
Daaronder vallen nu ook:
- IT-dienstverleners en cloudproviders
- Zorg- en onderwijsinstellingen
- Transport, voeding en waterbeheer
- Digitale infrastructuur
- Toeleveranciers van vitale diensten
Elke lidstaat moet de richtlijn omzetten in nationale
wetgeving — in
Nederland dus de Cyberbeveiligingswet (Cbw).
Wie valt er straks onder de Cyberbeveiligingswet?
De wet onderscheidt twee groepen: essentiële en belangrijke organisaties.
Beide categorieën moeten voldoen aan strenge eisen voor risicobeheer, beveiliging, melding van incidenten en toezicht.
Via de zelfevaluatietool van de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI) kunnen bedrijven nu al nagaan of ze binnen deze categorieën vallen.
Zes stappen die je nu moet zetten
Volgens het NCSC, NCTV en DTC moeten organisaties direct beginnen met de voorbereidingen. Dat kan stap voor stap:
- Check of je organisatie onder de Cbw valt. Gebruik de RDI-zelfevaluatietool.
- Registreer je organisatie op mijn.ncsc.nl om toegang te krijgen tot dreigingsinformatie.
- Voer een risicoanalyse uit en bepaal je kritieke processen.
- Gebruik het Cbw Control Framework van de Auditdienst Rijk en NOREA om te meten waar je staat.
- Stel een Incident Response Plan op voor wanneer het misgaat.
- Word lid van de DTC Community, waar kennis en praktijkervaring gedeeld worden.
“De wet draait niet om vinkjes zetten,” benadrukt Van Amelsfort.
“Het gaat om een nieuw handelingsperspectief voor de hele organisatie.”
De tijd dringt
De Cbw is meer dan een compliance-oefening. Wie te laat start, riskeert niet alleen boetes of toezichtmaatregelen, maar ook reputatieschade bij een incident.
Eenvoudige maatregelen zoals back-ups, multi-factor authenticatie en netwerksegmentatie kunnen al het verschil maken.
Volgens de overheid moet cybersecurity niet pas een prioriteit worden ná een aanval, maar onderdeel zijn van de dagelijkse bedrijfsvoering.
Van reactief naar veerkrachtig
De kern van de wet is niet bureaucratisch: het draait om continuïteit en nationale veiligheid.
Een aanval kan
elk bedrijf treffen - van mkb tot multinational. Wie zijn organisatie nu op orde brengt, voorkomt niet alleen schade, maar draagt ook bij aan een veiliger digitaal Nederland.
De Cyberbeveiligingswet markeert een verschuiving: van reactief reageren naar actief weerbaar zijn.