Social media bereikt nu ook de arbeidsmarkt

Vorig artikel Volgend artikel
Social media bereikt nu ook de arbeidsmarkt

Vacaturesites zijn nog steeds de nummer 1 als het gaat om oriëntatiebron voor een nieuwe baan. Op een tweede plaats staat nu open sollicitaties, gevolgd door bekenden/netwerk. Social media heeft een sterke groei doorgemaakt (index 140) sinds 2011. Verder is het oriëntatiegedrag van de Nederlandse beroepsbevolking vrijwel gelijk gebleven.

De groep 50-plussers heeft nog steeds veel vertrouwen in traditionele oriëntatiekanalen en minder op moderne kanalen. Hierdoor worden minder vacatures gevonden en wordt de mismatch op de arbeidsmarkt vergroot. Dit blijkt uit het Arbeidsmarkt GedragsOnderzoek (AGO) van Intelligence Group uit een analyse van 23.599 personen uit de Nederlandse beroepsbevolking.

Sterke opmars van social media
Onder jongeren jonger dan 20 jaar staan social media al op een derde plaats in het oriëntatiegedrag. Voor twintigers is dat een zevende plek met 26 procent. Daarmee zorgen social media voor verandering in het verder overwegend gelijk blijvende oriëntatiegedrag van de Nederlandse beroepsbevolking. Dit is niet alleen bij hoger opgeleiden het geval, maar ook steeds vaker bij MBO'ers. 22 Procent van de MBO'ers oriënteert zich via social media. Bij de VMBO'ers blijft het inzetten van social media nog achter bij het zoeken van een nieuwe baan. Van de social media is vooral LinkedIn belangrijk. Voor specifieke doelgroepen ook Facebook (bijvoorbeeld jongeren) en Twitter (bijvoorbeeld marketeers en recruiters).

Net als in 2011 zijn vacaturesites, die door meer dan de helft (55%) van de Nederlandse beroepsbevolking worden gebruikt als zij op zoek gaan naar een nieuwe baan, met afstand het belangrijkste kanaal. Op een tweede plek staan open sollicitaties (38%) gevolgd door bekenden/netwerk (34%). De krant staat op de vierde plaats staat met 30%. Met name onder veertigers en 50-plussers heeft de krant nog een prominente plek in het zoeken van een baan. 40 Procent van de 50-plussers gebruikt een krant om een baan te zoeken en daarmee staat dit kanaal op een derde plaats voor deze doelgroep.

Verkeerd zoeken leidt tot mismatch op de arbeidsmarkt
Steeds meer werkgevers kiezen voor moderne manieren van werving bij het verspreiden van vacatures en het zoeken van nieuwe werknemers, zoals social media, sourcing en het gebruik van zoekmachines. Belangrijk voor werkzoekenden is de adoptie van deze nieuwe kanalen bij het zoeken van een baan. De doelgroep 50-plussers kiest daarentegen vaker voor oriëntatiekanalen met minder vacatures en een lagere effectiviteit, zoals de krant en UWV Werkbedrijf. Juist voor deze groep is het belangrijk om het zoekgedrag aan te passen en beter in te richten op het huidige zoekgedrag van werkgevers en recruiters. Hierdoor kunnen zij hun succes op de arbeidsmarkt aanzienlijk vergroten.

"Naast leeftijdsdiscriminatie speelt bij 50-plussers dat zij minder goed in staat zijn om de beschikbare vacatures te vinden" aldus Geert-Jan Waasdorp, oprichter van Intelligence Group "Bij sollicitatietrainingen is er veel aandacht voor het CV, de kleding, netwerken en etiquette. Aandacht voor het daadwerkelijk zoeken naar een baan is er nauwelijks. Dit is opvallend, omdat hier wel de basis ligt van het vinden van werk. Door werkzoekenden te wijzen op de juiste bronnen met vacatures kan een substantieel deel van de openstaande vacatures worden ingevuld en werkzoekenden aan een baan worden geholpen."

Schermafbeelding 2012-05-25 om 11.19.11 

Meer content

Reageren is uitgeschakeld omdat er geen cookies opgeslagen worden.

Cookies toestaan Meer informatie over cookies