J-Column: LEGO-haat, LEGO-liefde

Vorig artikel Volgend artikel
J-Column: LEGO-haat, LEGO-liefde

Ik heb een haat-liefdeverhouding met LEGO. Als ik een willekeurige speelgoedwinkel inloop, ben ik bijna jaloers dat wij vroeger bijvoorbeeld geen Star Wars-bouwsteentjes hadden. Elke keer moet ik de impuls onderdrukken om een doosje te kopen, maar dan denk ik: man, hier ben je echt te oud voor. Toch?

Mijn LEGO-behoeftes worden een paar keer per jaar geprikkeld door de games van TellTale. Een fantastische combinatie van bouwen, zoeken en (kindvriendelijk) knokken. Bij mij staan ze allemaal in de kast. Van LEGO Batman, LEGO Star Wars, LEGO Indiana Jones tot LEGO Harry Potter. Stuk voor stuk tot talloze keren gespeeld en stuk voor stuk hartgrondig vervloekt. LEGO-games staan namelijk bekend om hun bijster slechte camera. Of beter gezegd: het ontbreken van een bewegende camera. Op de een of andere manier denkt TellTale dat een fixed camerapunt de ‘way to go’ is. In de jaren tachtig misschien wel, maar we zijn inmiddels een paar decennia later.

Toch verwelkom ik iedere nieuwe LEGO-game met open armen. In mijn hopeloze streven om mijn game-achterstand in te halen (damn you Skyrim!) ben ik gisteren begonnen met het nieuwe Harry Potter LEGO-spel. En ja hoor, na een uurtje spelen begon de irritatie toe te slaan. En een half uur begon ik met schelden. Toch bleef ik doorspelen. Waarom vraag je? Omdat die LEGO-games zo verdomde verslavend en grappig zijn. En dat is een prestatie op zich. Je gigantisch aan een game storen, maar toch blijven doorspelen. De complimenten gaan naar de meren en mevrouwen van TellTale.

Jeroen van Trierum

Reageren is uitgeschakeld omdat er geen cookies opgeslagen worden.

Cookies toestaan Meer informatie over cookies